woensdag 8 oktober 2014

Erdogan, iS en de Koerden: Het spinnenweb in het Midden Oosten



De kersverse Turkse president Erdogan beleeft warrige tijden. Ankara liet IS ongemoeid in de strijd tegen Assad, maar nu de terroristen al moordend oprukken in Koerdisch gebied in Syrië, wordt het onrustig in Turks Koerdistan en de grote steden.

Demonstraties zijn uitgelopen op rellen met minimaal 18 doden als gevolg. 
De vredesonderhandelingen met PKK leider Abdullah Oçalan lopen gevaar en het Westen dringt aan op acties tegen IS. Wat Erdogan vanaf nu ook doet, alleen hijzelf lijkt er schade van te gaan ondervinden.
De onrust in Syrië lijkt over te zijn geslagen op Turkije: Op 7 oktober werd er massaal gedemonstreerd in het Zuid Oosten van het land, waar overwegend Koerden wonen, en in de grote steden in Turkije. In een aantal steden geldt al de avondklok en in Diyarbakir zijn zelfs de scholen gesloten. De demonstranten eisen dat Turkije optreedt tegen IS en riepen leuzen als: “Kobani zal het graf voor IS worden”.
De Erdogan-regering heeft sinds het uitbreken van de opstand in Syrië herhaaldelijk gezegd dat Assad het veld moet ruimen en algemeen werd aangenomen dat Ankara militante groeperingen heeft gesteund in hun strijd tegen Assad. Nu zal de coalitie tegen IS het Assad-regime goed uitkomen, wat Erdogan ook zegt. Best onvoorstelbaar dat Ankara nog een paar maanden geleden militante groeperingen steunden, nu meedoet met de coalitie om de vijanden van Assad te verslaan.

 


Aan de andere kant zijn er ook in het binnenland ontwikkelingen die de stabiliteit van het land bedreigen: het onderhandelingsproces met de PKK ofwel de çözüm sureçi (oplossings-proces). Een zware delegatie van de Koerdische politieke partij HDP, die gelieerd is aan de PKK, reisde af naar het eiland Imrali waar  PKK leider Abdullah Öçalan gevangen wordt gehouden. Öçalan benadrukte bij dit gesprek dat Korbani, de grensstad waar IS-strijders en Syrische Koerden  aan het vechten zijn, absoluut niet mag vallen. “Als Kobani valt, valt de dialoog, aangezien dit voor een lange periode van een instabiele Turkije als gevolg zal hebben”, liet Öçalan in een verkaring weten.
Een follow-up kwam via zijn broer die op 6 oktober zei, zonder op de details in te gaan, dat er weinig opties voor de PKK rest dan te wachten tot 15 oktober, klaarblijkelijk een deadline voor de Turkse regering. Het vredesproces heeft simpelweg twee mogelijke uitkomsten: hij slaagt of hij faalt.

Op het moment geldt er al twee jaar een staakt-het-vuren tussen Turkije en de PKK en deze zou dus zomaar kunnen eindigen. Ook de PKK leiding in Kandil, een gebergte in het drielandenpunt in Irak, Iran en Turkije; de thuishaven van PKK, heeft verklaard dat wat hun betreft het dialoogproces is afgelopen maar dat het laatste woord aan Öçalan is. Dit nieuws komt na een periode van redelijke dosis van optimisme waarbij Ankara herhaaldelijk liet weten dat het vredesproces wel eens snel voltooid zou kunnen worden. Nu ziet de wereld er dus anders uit. Daar komt bij dat de onrusten in buurlanden Irak en Syrië lijken, of beter gezegd, al zijn overgeslagen op Turkije. Zo waren er al met enige regelmaat rellen in de Turkse-Syrië grens tussen Koerdische betogers, vluchtelingen en de ordediensten. Daar komt bij de grootschalige rellen van 7 oktober welke niet bemoedigend kan zijn voor de vredesbesprekingen.

Grootste heikelpunt is nog altijd de vrijlating van Öçalan zelf wat aan Koerdische kant wordt geeïst en wat voor de 'gewone' Turk  moeilijk te slikken is. Dit stelt de Turkse regering voor een dilemma: Hoe leg je immers uit dat de man die drie decennia lang is uitgemaakt voor een meedogenloze terrorist nu vrijgelaten moet worden!
Een ander heikelpunt is de onvoorspelbaarheid van het Midden-Oosten politiek: zo heeft  'Kobani' tot een toenemend wantrouwen geleid tussen de regering en Koerdische vertegenwoordigers. De leider van de HDP, Selahettin Demirtas, heeft de Turkse regering voor de tweede keer gevraagd om de Syrisch-Koerdische PYK, de zusterorganisatie van de PKK, met wapens te steunen in hun strijd tegen IS. Dit zou eveneens goed zijn voor het vertrouwensband tussen Turkije en de Koerden.
Dit alles wijst eveneens op de complexe en op het eerste oog voor de Turkse regering een tegenstrijdige situatie: enerzijds doet Turkije mee aan de internationale coalitie om IS te verslaan maar aan de andere kant vormen de vijanden van IS, de Koerdische rebellen, een potentiële gevaar voor het land om maar helemaal te zwijgen over de voordelen van de coalitie tegen IS voor de Syrische dictator Assad, die Erdogan liever vandaag dan morgen ziet vallen. Kortom, de vijand van mijn vijand is mijn beste vriend is hier een gezegde die moeilijk toepasbaar is. De Turkse president heeft weinig zin om IS te bestrijden om zo Assad te helpen.  Maar door de ingernationale druk kan Erdogan IS niet langer ongemoeid laten, zo lijkt het.
Toch toont dit aan hoe onvoorspelbaar het in het Midden Oosten kan lopen.

Dit maakt het dan ook moeilijk om voorspellingen te doen in een wereld waar hedendaagse vijanden, morgen je vrienden kunnen worden. Zo kan het ook niet uigesloten worden dat het dialoogproces tussen Ankara en de PKK zal slagen. Een ding is wel helder, Erdogan heeft zichzelf in deze warboel gebracht.

dinsdag 16 september 2014

Huizen: Jihadgezinnen blijken geen jihadgezinnen te zijn

Er is veel heisa ontstaan over de gezinnen in Huizen die naar Syrië zouden reizen om zich aan te sluiten bij Jihadgroepering Islamitische Staat (IS). De uitspraak van de rechter van vorige week, op 8 september, pleit de gezinnen vrij en gaat lijnrecht in tegen de bevindingen van de AIVD.

Het nieuws over de arrestatie kwam via een ambtsbericht van de AIVD; de inlichtingendienst had vermoedens dat de gezinnen wilden emigreren om te vechten in een heilige oorlog, de verdachten werden vervolgens gearresteerd en de kinderen werden met veel machtsvertoon uit huis geplaatst. Nu heeft de kinderrechter geoordeeld dat de kinderen terug mogen gaan naar huis en alle verdachten zijn inmiddels vrijgelaten. De rechter beargumenteerde dat er bij het ene gezin geen plannen waren om te emigreren; het andere gezin zou wel plannen hebben om te emigreren maar niet naar Syrië en niet voor de Jihad. Ook kunnen de gezinnen, volgens de rechter, prima voor hun eigen kinderen zorgen. Deze uitspraak is dus in tegenspraak met het ambtsbericht van de AIVD.
Advocaat Lou van Leer klaagde dat de inlichtingendienst te snel heeft gehandeld maar volgens de AIVD moest dit, om te voorkomen dat ze zouden afreizen naar Syrië.
Van Leer zegt verder dat het bericht van de geheime dienst minimaal is; meer dan vermoedens dat de gezinnen naar Syrië zouden reizen zijn niet vermeld. Ook niet waar deze vermoedens op gebaseerd zijn of de termijn waarbinnen. In de media kregen we ook niet veel nieuws. De burgemeester van Huizen, die de paspoorten van de gezinnen heeft afgepakt, zegt in het NOS journaal van 30 augustus dat hij net op tijd was met ingrijpen want anders waren ze al richting Syrië vertrokken, verwijzend naar de bronnen binnen de politie. De rechter denkt daar dus anders over.

Nu heeft de kinderrechter geoordeeld dat er geen enkele aanwijzing is dat de gezinnen uit Huizen zouden emigreren om in de jihad te vechten. Alhoewel het goed nieuws is voor ze, hebben de gezinnen al schade geleden; ze werden beschuldigd en konden zich niet verweren. De advocaten bekritiseren niet alleen de AIVD maar ook de autoriteiten die met veel machtsvertoon de kinderen uit huis plaatsten. Tevens mag de media bekritiseerd worden; zij namen inmiddels klakkeloos het verhaal van de AIVD en het OM voor waarheid aan. Er werden geen vragen gesteld als: waar zijn deze verdenkingen op gebaseerd? Is het gerechtvaardigd om de kinderen uit huis te plaatsen? Hoe is de kinderbescherming tot de conclusie gekomen dat de kinderen gevaar liepen?
Nimmer werd er gekeken om wat voor gezinnen het betrof; hebben ze bijvoorbeeld een crimineel of extremistisch verleden? Misschien zouden er geen antwoorden gegeven kunnen worden op deze vragen maar er zou ten minste een discussie plaatsvinden waarin beide kanten van de medaille konden worden belicht. 
Advocaat van één van de gezinnen, Michiel Pestman, zegt dat het volstrekt onnodig was dat de kinderen uit huis werden geplaatst; het paspoort innemen zou moeten volstaan om te voorkomen dat mensen het land uitreizen. Nu de rechter heeft geoordeeld en we in dit land een onafhankelijk rechtssysteem kennen, zou de volgende vraag moeten zijn: Hoe kan het dat de AIVD en de rechter lijnrecht tegenover elkaar staan?  Heeft de AIVD geblunderd? Opzich hoeft het niet vreemd te zijn dat de AIVD en de rechter het oneens met elkaar zijn, maar het zou goed voor de discussie zijn als de journalistiek hier nader op in zou gaan maar medialand is stil.




Het is niet de eerste keer dat er loos alarm is geslagen; zo werd nog afgelopen juni een deel van het Asterdamse centrum ontruimd toen er een bommelding kwam, wat ook een vals alarm bleek. In 2012  zou er een Spaans vliegtuig zijn gekaapt dat onderweg was naar Schiphol, ook dit bleek niet waar te zijn. Het is niet helemaal duidelijk geworden waar deze fouten op zijn gebaseerd. Misschien de meest verbazingwekkende is de ontvoering van de Nederlandse stel Boudewijn Berendsen en Judith Spiegel.  In een videoverklaring deed Spiegel een emotionele verklaring aan Nederlanders ‘om iets te doen’ om hun vrij te laten want ze konden binnen tien dagen dood gaan. Nu blijkt dat deze verklaring is geacteerd. Dit roept meerdere vragen op maar medialand koos alweer de kant van het stilzwijgen toen dit bekend werd.

Sinds 9/11 is er veel veranderd; niet alleen wordt het gevaar van terrorisme door Westerse regeringen maar al te graag onderstreept, eveneens komen onze vrijheden in het geding.
Minister Ivo Opstelten heeft de gebeurtenissen in Huizen aangegrepen om voor te stellen de reisgegegevens van alle Nederlanders op te slaan. Alhoewel dit voorstel geen meerderheid in de Tweede Kamer heeft, zullen de komende tijd meer van dergelijke voorstellen komen. Zo is het nu al mogelijk om, zonder tussenkomst van de rechter, paspoorten in te trekken maar Opstelten wil een stap verder; het moet namelijk mogelijk zijn om het Nederlanderschap in te trekken zonder strafrechtelijke vervolging. Dit staat in het actieprogramma Integrale Aanpak Jihadisme. De journalistiek hoort deze voorstellen en maatregelen kritisch te volgen, net zoals de verdachtmakingen op mensen met een Islamitisch achtergrond waarvan alleen de AIVD het vermeend bewijs of aanwijzingen tot haar beschikking heeft. Er valt natuurlijk wat te zeggen voor het feit dat de AIVD haar bronnen niet prijsgeeft in haar ambtsberichten maar aan de andere kant zou de journalistiek niet klakkeloos deze ambtsberichten voor waarheid moeten aannemen. Het zou te naïef zijn om te denken dat de AIVD een onafhankelijke bron is.
Ook deze dienst heeft bepaalde belangen, zo laten ze in dit voorbeeld en andere gevallen van mogelijk terroristisch gevaar zien dat de geheime dienst veel werk te doen heeft om onze veiligheid te garanderen en bezuinigen op deze dienst zou dan ook zeer onverstandig zijn.

De journalistiek schiet dus schromelijk tekort als het gaat om de discussie tussen terrorismegevaar en het inperken van onze vrijheden, te entameren of te belichten. Iets anders valt niet te concluderen.


vrijdag 8 augustus 2014

Timmermans is éénzijdig, subjectief en pro-Israël


De ingezonden brief van Timmermans bij de NRC van 5 augustus j.l. bevat feitelijke onjuistheden en is een zeer pro-Israël statement. Best vreemd als je beseft dat zijn partij, de PvdA, een oproep heeft gedaan om het disproportionele geweld van Israël te veroordelen. Allereerst zegt hij: “Zonder raketschild (Iron Dome) zou de rakettenregen uit Gaza veel levens hebben geëist”.
Er zijn geen objectieve bronnen over het aantal raketten die Iron Dome heeft onderschept. Volgens IDF is het succes percentage 85%, waar er ook wetenschappers zijn die beweren dat het slechts 20% is. Als we aannemen dat IDF de waarheid spreekt en dus maar 15% niet onschadelijk gemaakt wordt, heeft dit percentage tot 3 burgerdoden geleid. Volgens het IDF zijn er rond de 2800 raketten afgevuurd. Deze raketten hebben dus drie Israëlische burgers gedood, soldaten daarentegen zijn bijna allen in vuurgevechten omgekomen. Als 15% van de 2800 raketten, dat is dus 420, 3 burgers doodt, zouden zonder Iron Dome, 20 doden zijn gevallen. 20 burgerslachtoffers zijn er 20 teveel maar in vergelijking met 1800 Palestijnse burgers valt het in het niet. Dat de raketten van Hamas relatief weinig slachtoffers heeft gemaakt, zegt weinig over Iron Dome maar meer over de simpele home-made raketten die veel beperkingen kent. Dus het recht op zelfverdediging, waar Timmermans naar refereert, verliest haar overtuiging.
Onze minister gaat verder met: “Israël hanteert het uitgangspunt dat burgerslachtoffers zoveel mogelijk moeten worden voorkomen”. Dit zegt de minister ondanks dat verschillende hoge vertegenwoordigers van de VN woedend op Israël hebben gereageerd nadat Israël, meerdere keren, VN doelen had bestookt en dat terwijl deze organisatie het land herhaaldelijk had gewaarschuwd over hun locaties. Timmermans is het wel eens dat het aantal Palestijnse burgerslachtoffers te hoog zijn en zegt dat hierover een onafhankelijk onderzoek gedaan moet worden. Zo’n onderzoek is in 2009 gedaan door de VN, het Goldstone rapport, na de Gaza oorlog in 2008 – 09: de resultaten waren verbluffend.
Beide partijen waren schuldig aan oorlogsmisdaden en Israël had zelfs een beleid om bewust burgers aan te vallen. Dit zou het immens hoge burgerslachtoffers ook logisch kunnen verklaren want hoe kan je anders zeggen dat zo’n ultramoderne leger, die de beschikking hebben over precisie-bommen, toch zoveel burgerslachtoffers maakt. Israël bestaat langer dan deze oorlog en hun geschiedenis kennende zou het toch niemand verbazen dat zij schuldig zijn aan oorlogsmisdaden. Nederland had destijds ook slap gereageerd op deze onthutsende conclusies: het rapport zou de vredesonderhandelingen in de weg zitten. Hoe zal Timmermans nu reageren, indien er een onafhankelijk onderzoek komt zoals hij wenst? Wat als Israël schuldig wordt bevonden? Laten we er geen hoge verwachtingen van hebben.


Onze minister gaat verder met zijn extreem pro-Israël betoog: “Stelt u zich eens voor dat de vele miljoenen die in raketten en tunnels zijn gestopt, door Hamas in de ontwikkeling van Gaza zouden zijn gestoken. Waar zouden we dan nu staan? Het is van belang dat vooral Palestijnen zich deze vraag gaan stellen.”
Allereerst zijn het home-made raketten, gemaakt van civiele producten, dus veel geld kan het niet gekost hebben. Als we het over de tunnels hebben, deze kosten inderdaad geld maar niet dusdanig dat dit de oorzaak is van de ellende die er heerst. Als we het over de ontwikkeling van Gaza hebben: het tekort aan voedsel en medicatie, een economie die al geruime tijd diep in het slop zit, is het absoluut een farce te geloven dat dit komt omdat Hamas geld steekt in tunnels. Het is de onmenselijke blokkade die Israël hanteert op de gazastrook: zowel via land, zee als in de lucht is in- en export op zeer beperkte wijze toegestaan. Deze manier van collectief straffen is dan ook zwaar bekritiseerd door verscheidene mensenrechten organisaties als wel de VN maar onze minister rept er met geen woord over.
In zijn opiniestuk refereert hij ook verscheidene keren naar de ‘veiligheid van Israël’ wat gewaarborgd moet blijven. Ook dit toont zijn eenzijdige visie wat Israël ook vaak gebruikt als propagandatool. Een makkelijke wedervraag is dan: Wat heeft u over de veiligheid van de Gazanen te zeggen?
Onze minister, toch niet een bepaald moedig mens, sluit zijn opiniestuk af met zichzelf  te mengen in interne Palestijnse zaken: volgens hem moet de Palestijnse Autoriteit (lees de Fatah) de leiding nemen en verantwoordelijk zijn over de veiligheid en de grensbewaking van de Gaza. Maar geachte minister Timmermans; de Palestijnen hebben toch in vrije en eerlijke verkiezingen Hamas als duidelijke winnaar aangewezen. Of wilt u zeggen dat u deze democratische uitslag niet erkend? 

woensdag 28 mei 2014

Hoe klein willen we zijn?

Saoedi-Arabie zal naar verluidt sancties opleggen tegen het Nederlands bedrijfsleven  vanwege de stickeractie van Geert Wilders. Dit is vooralsnog een gerucht , maar wel voldoende aanleiding voor 'Den Haag' om alvast te kruipen om de voeten van de Saoediers te kussen.
Tot kort lazen wij de ganse wereld de les als het om fundamentele zaken ging zoals vrijheid van meningsuiting, mensenrechten, vrouwenrechten etc. Tegenwoordig gaat de schatkist voor principes. Ons land verkeert in een morele val.

Zo'n halfjaar geleden plaatste Wilders teksten als ‘De Islam is een leugen, de Koran is gif en Mohammed is een boef’ op de Saoedische vlag. Het heeft even geduurd voordat de Saoedi’s wakker werden maar volgens verschillende media staat er een sanctie op handen, hoewel het Saoedische Koninkrijk zelfs nog geen mededelingen heeft gedaan.
Ondertussen zal Timmermans hoogst persoonlijk afreizen naar Saoedi-Arabië om de werking van een democratische samenleving uit te leggen. Mocht Riyad dat wensen, zal Timmermans persoonlijk zijn nederige optocht maken in de woestijn.
Het is opmerkelijk te noemen dat Saoedi Arabië sancties overweegt vanwege handelingen van een oppositiepartij. Mocht het waar zijn, wijst dit op populistisch gedrag van het Wahibistisch land die aanzien probeert te winnen in de Islamitische wereld. Sinds het wegvallen van Egypte als regionale grootmacht probeert Saoedi Arabië tevens een leidende rol te spelen in het Midden Oosten.




Het Islamtisich Koninkrijk is overigens geen belangrijke handelspartner van Nederland. Ons land exporteert voor zo’n 3 miljard euro naar Saoedie-Arabie en in de lijst van exportlanden staan 'wij' slechts 37ste. Omgekeerd is het niet veel anders. De waarde van export van Saoedi-Arabië naar Nederland is minder dan 5 miljard euro. Wij staan 18e op hun lijst.
De dreiging met sancties zal met een sisser aflopen, maar dan nog. In het eerste geval zal de schade niet eens 1 procent van ons bnp zijn.
Nee, de politieke en mentale schade van deze dreigement is vele malen groter. De paniekerige en nederige houding van Timmermans getuigt van geen zelfvertrouwen in eigen kunnen. Ook vergeet 'Den Haag' dat wij behoren tot de Europese Unie, de grootste markt in de hele wereld, die ons de helpende hand kunnen bieden.
In 2012 dreigde Iran Griekenland met een olieboycot. Griekenland is veel sterker afhankelijk van invoer van olie uit Iran dan Nederland van Saoedische olie. De Europese Unie schaarde zich achter Athene en beloofde Griekenland dat er alternatieve leveringen gevonden zouden worden indien Teheran inderdaad tot een boycot zou overgaan.
Deze Europese steun zou Nederland, één van de grondleggers van de EU, waarschijnlijk niet krijgen. De politieke partijen (op D66 en GL na) en kabinetten hebben uit angst voor populisten en anti-europese electorale wind die waait door het land, hun handen afgehaald van de EU. Bij een eventuel schade zullen de EU-lidstaten waarschijnlijk Riyad met rust-, en Nederland aan zijn lot overlaten. Dit heeft Nederland dan aan zichzelf te danken.

Nederland is de EU vergeten, maar de EU ook Nederland. Berlijn en Parijs dragen de Europese ambitie wel verder, zonder de Nederlandse blok aan het Europese been.
Nederland staat er alleen voor, en dit geheel door eigen schuld. De regering beseft dat, vandaar de diepe buiging voor een woestijnnatie nog voordat er sancties uberhaupt officieel zijn aangekondig. Als we van schande willen spreken, moeten we ons niet beperken tot Wilders die met zijn actie een paar Nederlanders werkloos kan maken, of Riyad die nog Middel-Eeuws wordt bestuurd. Nee, het gekruip van Timmermans moet volstaan om braakneigingen te krijgen.


woensdag 9 april 2014

The Voting Result Give the Kurdish Representatives a Stronger Position in Turkey




The Turkish local elections on 30 March 2014 have been a major victory for the ruling AK-Party which is based on Islamic values. It is been said that these elections were a big test for Prime Minister Recep Tayyip Erdogan who faces serious allegations of corruption. The voting results shows that Turkish citizens still endorse their Prime Minister: his AK-Party won with 44% of the votes which represents a 6% decrease compared to the general elections in 2011.
In total they have won 51 out of 81 states. The second winner is the Kurdish BDP who has won the most states in their home area: South East Turkey.

It was an election containing all the elements of a true thriller: riots and election violence which resulted in the killing of 8 people, dispute over the capital Ankara which the AKP booked a narrowly victory, three female candidates made history by becoming the first female major of the countries metropolitan cities and one of them in Diyarbakir: the largest city in South East Turkey where Kurdish people are the big majority of the region (Hurriyet, 2014[1]; Anadolu Agency, 2014)[2].
The campaign between the four big parties can be described as harsh. Especially between the AK-Party and their main challenger the Republican’s People’s Party, the CHP of Chairman Kemal Kiliçdaroglu. The third party, the Nationalists People’s Party, MHP, and the Kurdish Democratic and Peace Party, BDP, were also conducting a hard campaign against Erdogan’s AK-Party and vice versa. The opposition parties were all accusing the AK-Party of corruption with hard language by calling him a ‘thieve’. Some of the accusations were based on recordings of several conversations between top AKP members which even included the Prime Minister, and led to the resignation of three Ministers on December 17th, 2013.
One of the recorded conversations depict Erdogan instructing his son to hide millions of  dollars cash which is denied by the Prime Minister who said that it was fabricated (Letsch, 2014)[3]


Another leaked conversation depicts the deputy chief of staff, the intelligent chief, the Secretary and undersecretary of Foreign Affairs conversing on a war against Syria under a false flag operation. This last tape was just released a few days before the elections and thereafter have YouTube and twitter been blocked under the name of national security (Moore, 2014)[4]. It is widely assumed that the movement of the Islamist preacher Fethullah Gülen, who lives in self-imposed exile in Pennsylvania, and who is involved in a power struggle with Erdogan, released these conversations. Gülen is an influential Ieader whose Hizmet movement (Turkish for Service) has hundreds of schools in more than a 100 countries scattered over Europe, Central Asia, Africa and the USA.  Education is the trademark of this organization. However it is also believed that Hizmet holds influential key positions at the police, the judiciary, and the intelligence services in Turkey.
The accusations of corruption and the leaking of phone conversations was, according to Erdogan, a conspiracy of foreign and internal powers, hereby referring directly to Gülen and indirectly to the USA and Israel[5]. As the voting results shows; this argument has enjoyed significant credibility among the Turkish people. It was an enormous disappointment for the CHP since they could not profit from all the scandals of the AK-Party. The CHP aimed to receive 30% of the votes but just had 28% and have won only 13 states, which is a slightly increasing compared to the last elections.


The BDP contains 7% of the votes if there independent candidates (for vote technical  reasons) will be counted  as BDP (Source Anadolu Agency).



The second winner
The second winner of the elections was the Kurdish BDP that is strongly connected to the PKK, the guerilla movement of jailed leader Abdullah Öçalan who was captured in 1999 by Turkish authorities after being the most wanted man for since his PKK started a guerilla war 1984 for an independent Kurdistan.
The BDP participates in the elections since the eighties although many times under different names since the party was banned several times under accusations of ‘terrorist activities’. Up until the uprising of the AKP in 2002 they had won the elections in the South East region by huge majorities. Nowadays however, the BDP are sharing the votes with the AKP, who appeal to the Islamic identity of the Kurdish people who are in general quite religious, while the BDP appeals to the ethnicity of the Kurdish people.
(Tayiz, 2014[6]).
                                                                                                         
Nevertheless, the 2014 election can be seen as a victory for the BDP since they have won almost all the states in the South East region including two take-overs from the AKP: Mardin, and Bitlis. They also maintained their leading position in Diyarbakir, a symbolic city that was once considered as the capital of a future independent Kurdistan, and Van the other major city of the region. This result awards the party a stronger position in the negotiations with the AK-Party regarding the Kurdish issue, since they can now portray themselves as the representatives of the majority of the Kurdish people. Moreover this result may strengthens their demand of ‘democratic autonomy’ of the South East region. On the other hand can the AKP argue that the BDP is not the only representative of citizens with a Kurdish background since they are the second party in the region.
It must be acknowledged that the position of the Kurds under the AK-Party governance has been improved through the implementing of some serious reforms: the ban on Kurdish languages and identity was lifted, the celebrations of Kurdish holidays are allowed, and some economic investments are made in the relatively poor region. Erdogan claimed numerous times that his administration made an end to the “ignorance politics” or the “assimilation policy” of his predecessors, while the BDP attributes this to the result of their struggle (http://www.dw.de/turkish-pm-unveils-reforms-to-increase-rights-of-kurdish-minority/a-17128423) .


Nevertheless it was in late 2012 that Erdogan has said that the negation process with Imrali continues, referring to the island where Öçalan is serving his life sentence. It can be seen as a great improvement for him personal as for his PKK that Turkey are acknowledging them as interlocutors of the conflict. The state once portrayed Öcalan as the greatest enemy of the state through a tremendous smear campaign in the media for the past 25 years. A few months after the announcement gave Öcalan a written statement that was read by BDP MP’s on Newroz, the Kurdish New Year, in which Öcalan called for a cease-fire, a withdrawal from Turkish territory, and an end to the armed struggle (Letsch, 2013)[7]. A well-equipped modern army that fought a tuff guerilla war against the PKK with human right violations on both sides and resulting of 40.000 dead’s came, at least for temporarily, to an end (Sinclair-Webb)[8].
This cease-fire has been in place for a year and can also be considered a huge improvement  
In his last statement, which was read on the 21st  March of 2014, on the Newroz holiday, the jailed leader praised dialogue and that both parties have shown goodwill while concurrently criticizing the government for delaying the peace process. At the same time he called to choose the path of ‘democracy’ and warned against certain elements that threatens the negotiation process (FiratNews, 2014)[9] .
The BDP has repeatedly stated that the key to the resolution lays in Imrali and are asking for the release of Öçalan as their condition to bring peace. It would be a real spectacle if this condition were to be met, which will lead to the leader being perceived by his followers as their ‘Kurdish Nelson Mandela’. Furthermore the Kurds are no longer demanding an independent state, but a system of federalism with autonomous regions (Hurriyet Daily News, 2012)[10]